Ulaanbaatar, een hoofdstad die net even anders is. Pas in de jaren twintig van de 20e eeuw werden hier de eerste gebouwen van steen neergezet. Hiervoor bestond de stad uit wat Ger (traditionele Mongoolse tent) nederzettingen. Mongolië was in die tijd onder invloed van de Sovjets en dat zie je nu nog terug. Langs de Laan van de Vrede zie je veel gebouwen met Sovjet invloeden: functionalistisch, van beton en voornamelijk flatgebouwen.
Een belangrijke plek in de stad is het Sükhbaatarplein, rondom het plein vind je de belangrijkste culturele en maatschappelijke gebouwen. Statig aan het hoofd van het plein zie je een groot beeld van Dzjengis Khan en zijn kleinzoon Koeblai Khan.

Hoe kom je er?

Mongolië is geen land met een heel uitgebreid wegennetwerk. De meest gangbare manier van reizen is met het vliegtuig. Chinggis Khaan International Airport is de belangrijkste luchthaven van het land. Vanuit Nederland wordt hier niet rechtstreeks op gevlogen. Overstappen op een vlucht naar Ulaanbaatar kan op bijvoorbeeld Hong Kong, Moskou en Peking.
Ulaanbaatar is het belangrijkste knooppunt op de Trans-Mongolië spoorlijn. Er zijn directe verbindingen naar onder andere Moskou en Beijing.

Waarom gaan?

Ulaanbaatar is uniek in zijn soort, een hoofdstad zonder veel hoogbouw, waar de traditionele Ger nog midden in de stad staat, omdat de bewoners weigeren in een huis of flat te gaan wonen. Het is de koudste hoofdstad ter wereld met een gemiddelde temperatuur van -1,3 graden Celsius. En niemand bezoekt alleen Ulaanbaatar, als je in Mongolië bent dan ga je niet voor de stad maar voor de natuur dus is Ulaanbaatar eigenlijk een leuke tussenstop.

Wat kun je er doen?

Als je naar de kaart kijkt van Ulaanbaatar zal je al zien dat dit geen plattegrond is zoals je die normaal kent van moderne hoofdsteden. Daar is deze stad eigenlijk veel te klein voor. Het centrale punt in de stad is Sükhbaatarplein, met het eerder genoemde beeld van Dzjengis Khan. Verder op het plein staat nog een standbeeld, dat van Damdin Soeche Bator te paard. In het kort: Damdin was een militair in het Mongoolse leger tussen 1912 en 1917. Naar hem is de stad vernoemt, Ulaanbaatar betekent: Rode Held. Aan de noordzijde van Sükhbaatarplein ligt het Mongoolse Parlement.

Aan de zuidzijde van het plein loopt de Laan van de Vrede. De laan waar de eerste echte gebouwen van de stad zijn gebouwd. Loop een stukje langs de laan, kijk om je heen, en kijk af en toe wel waar je je voeten neer zet, putdeksels zijn hier zeldzaam. Diepe rioolputten echter niet. Na een paar minuten kom je uit bij de State Department Store. Oftewel het warenhuis. En dan denk je warenhuis, ja dus? Maar dit is Mongolië en dit warenhuis is ongeveer de enige moderne winkel die er is. En dan nog kijk je je ogen uit. Modern, maar toch niet. Alsof je 20 jaar terug in de tijd gegooid wordt. Ze hebben er alles wel, maar toch is het anders dan je gewend bent. Als je wat wil kopen gaat dat ook allemaal heel omslachtig. Ik wil dit kopen, dan krijg ik van hem een bonnetje, daarmee moet ik naar de volgende medewerker, die controleert het nog eens, en dan mag ik naar de kassa om het eindelijk af te rekenen. Oftewel, een avontuur op zich. Als ik het mij goed herinner zit er op de bovenste etage een afdeling met allemaal traditionele kostuums en voorwerpen, naast souvenirs. En als je dan toch op de bovenste etage bent, heb je gelijk een mooi uitzicht over de stad.

Genoeg gewinkeld en tijd voor wat cultuur? Breng dan een bezoek aan het Gandan klooster. Gelegen aan het einde van de Laan van de Vrede aan de rechterkant. Lange tijd was het Gandan klooster het enig overgebleven boeddhistische klooster in Mongolië. In de jaren 30 van de 20e eeuw werden op aandringen van Jozef Stalin veel kloosters vernietigd. Het Gandan klooster bleef gespaard maar moest wel haar deuren sluiten in 1938. In 1944 mocht het weer open maar was het voor lange tijd de enige toegestane Boeddhistische tempel. Sinds 1994 staat het klooster onder bescherming van de Mongoolse overheid. In het klooster wonen nog ongeveer 150 monniken. In 1 van de gebouwen vind je een 26,5 meter hoog beeld van Avalokitesvara. Avalo wie? Ik hou het voor nu op een mooi boeddhistisch beeld.

S’avonds heb ik een voorstelling bijgewoond van het Tumen Ekh song and dance ensemble. Een reeks traditionele dans en zang. Het ensemble heeft onder andere een keelzanger. Een zangkunst die wij hier niet kennen. Hoe het precies werkt weet ik niet, maar de zanger produceert een diep geluid vanuit zijn keel, en dat klinkt nog ook. Behalve deze zanger krijg je een show te zien in traditionele kledij, muziekinstrumenten en dans. Een origineel kijkje in de Mongoolse kunst en cultuur.

Nog niet uitgekeken? Ga dan naar de Narantuul Bazaar. De zwarte markt van Ulaanbaatar. Let wel op! Zakkenrollers komen hier ook graag, hou je rugzak dus voor je en neem bij voorkeur een moneybelt mee. Op deze Bazaar wordt van alles verkocht. Als je echte souvenirs wilt, die niet uit de souvenirwinkel komen dan moet je hier zijn. Originele kleden, zadels, laarzen, jassen, meubels, en echte neppe merkkleding van Chinese makelij, hier wordt het verkocht. Probeer als het kan om niet in het weekend te gaan, je bent dat zeker niet de enige. Een taxi vanaf het Sükhbaatarplein kost je ongeveer T6000,- (€2,15). Lopen kan ook, dat duurt ongeveer 40 minuten.

Ulaanbaatar, leuk op een eigen manier. Anders dan hoofdsteden zoals we die gewend zijn. Hier wordt het moderne leven nog ontdekt en ontbreken de schreeuwerige neonreclames en de mensen die je van alles proberen aan te smeren. Wees daarentegen niet naïef, het Mongoolse volk is niet erg welgesteld, en een goed gevulde westerse portemonnee nemen ze graag van je over. Daarin onderscheiden ze zich dan weer niet van andere steden. Los daarvan is het een heel gastvrij volk die je graag zullen helpen als je iets vraagt. Engels wordt er bijna niet gesproken dus een beetje kennis van de handen- en voeten taal is een vereiste!

Madelon
Auteur

Reacties zijn afgesloten.